Verwaarloosde gebouwen ontsieren buurten, geven overlast voor directe buren en vormen soms ook een gevaar voor de openbare veiligheid. We zetten dus actief in op het opsporen, registreren en aanpakken van deze gebouwen in onze gemeente.
Wat is verwaarlozing?
De Vlaamse overheid heeft de definitie van verwaarlozing vastgelegd en hanteert voor de beoordeling van gebreken en tekenen van verval 3 criteria:
- is het gebrek ernstig?
- is het gebrek zichtbaar?
- is het gebrek storend?
Met andere woorden, enkel zichtbare gebreken aan buitenmuren, voegwerk, schoorstenen, dakbedekking, dakgebinte, buitenschrijnwerk, kroonlijst of dakgoten die resulteren in of aanleiding geven tot potentieel onveilige of ongezonde situaties, kunnen leiden tot een opname in het verwaarlozingsregister.
Hoe stellen we verwaarlozing vast?
De verwaarlozing van gebouwen wordt in de eerste plaats vastgesteld door proactieve rondgangen in de verschillende deelgemeentes. Panden die langdurig opgenomen blijven op het leegstandsregister worden daarbij extra opgevolgd. Ook op basis van klachten kunnen we ter plaatse vaststellingen doen. Hiervoor maken we gebruik van een technisch verslag met puntensysteem. Zware risico's resulteren in hogere punten dan kleine gebreken. Wanneer een pand 12 punten of meer oplevert, komt het in het verwaarlozingsregister. Het college van burgemeester en schepenen beslist op basis van de bewijslast of een woning of gebouw opgenomen wordt op het verwaarlozingsregister. Bij opname maken we een administratieve akte op die we aangetekend versturen naar alle houders van het zakelijk recht.
Wat zijn de gevolgen van verwaarlozing?
Wanneer jouw eigendom werd opgenomen in het verwaarlozingsregister, verwittigen we je hiervan schriftelijk. In eerste instantie is deze opname een waarschuwing. Pas wanneer je een jaar opgenomen blijft in het register, riskeer je belast te worden op verwaarlozing.
Sinds 1 januari 2026 bedraagt de belasting in het eerste jaar € 1.500 per opgenomen woning of gebouw. In het tweede jaar wordt dit € 3.000 en vanaf het derde jaar loopt dit zelfs op tot € 4.500 per woning of gebouw.
Het is dus in je eigen belang om zo snel mogelijk actie te ondernemen en de verwaarloosde staat van je eigendom te verhelpen. Dit kan door renovatiewerken en in ernstige gevallen kan een totale sloop aangewezen zijn.
Welke mogelijkheden heb je als eigenaar?
Bij opname
Je beroep aantekenen tegen de opname in het register als je kan aantonen dat de ernstige gebreken en tekenen van verval verwijderd zijn tussen de vaststelling en het moment dat je bericht krijgt van opname. Let op, in geval van sloop moet ook het puin opgeruimd zijn. In het reglement vind je onder artikel 5 wat er in je beroep moet staan en hoe de procedure verloopt.
Bij belasting
- Vrijstelling aanvragen: in sommige gevallen ben je al dan niet tijdelijk vrijgesteld van belasting op verwaarlozing. Je vindt de redenen van vrijstelling terug in het reglement. Afhankelijk van de situatie moet je een vrijstelling jaarlijks aanvragen voor de verjaardag van de opname in het register. Gebruik hiervoor het aanvraagformulier onderaan deze pagina. Je wordt automatisch vrijgesteld bij het slopen of verbouwen met een omgevingsvergunning of bij een eigendomsoverdracht, op voorwaarde dat we een notaris ons van dat laatste op de hoogte bracht.
- Bezwaar aantekenen: heb je geen vrijstelling aangevraagd, maar ben je van oordeel dat je de verwaarlozingsbelasting ten onrechte aangerekend krijgt, kan je binnen de 60 dagen bezwaar aantekenen tegen de belasting.
Schrapping
We kunnen een woning enkel uit het verwaarlozingsregister schrappen als de problemen die tot de opname geleid hebben, opgelost zijn of wanneer het gebouw gesloopt werd. In dat laatste geval moet alle puin van het perceel verwijderd zijn.
Als eigenaar ben je zelf verantwoordelijk voor het aanvragen en aantonen van de redenen tot schrapping. Indien nodig, kan ter plaatse een nieuwe controle uitgevoerd worden.
Nog vragen?
We merken dat eigenaars vaak met vragen of onzekerheden zitten na opname van hun eigendom in het verwaarlozingsregister of wanneer ze een aanslagbiljet ontvangen. Contacteer in dat geval zeker de dienst omgeving. Ze helpen je graag mee zoeken naar een oplossing of kunnen antwoord geven op je vragen.
