Organisatoren van buitenschoolse opvang (voor- en naschools en tijdens de schoolvakanties) dienen een erkenning te behalen volgens dit kader om aanspraak te kunnen maken op mogelijke subsidies.
De voorwaarden van het erkenningskader beogen de kwaliteit van de kinderopvang te bewaken en zijn opgebouwd rond zes kerngebieden: organisatorisch beleid, pedagogisch beleid, medewerkersbeleid, toegankelijkheid, monitoring & evaluatie en verbondenheid.
Erkende organisatoren ontvangen van het lokaal bestuur een lokaal kwaliteitslabel. Dit label bevestigt dat de werking voldoet aan de lokaal afgesproken kwaliteitscriteria en erkend is als betrouwbare partner binnen het Ranstse BOA-beleid.
Bij erkenning ontstaat geen automatisch recht op bijkomende middelen. Het lokaal bestuur kan financiƫle ondersteuning voorzien via een afzonderlijk subsidiereglement en/of via samenwerkingsovereenkomsten. Het erkenningslabel bevestigt de kwaliteit en is een noodzakelijke voorwaarde om in aanmerking te komen voor dergelijke ondersteuning, zonder dat hieraan afdwingbare rechten verbonden zijn.
